© 2007 Ginderbroek

Wijkwerking Ginderbroek
Nieuw.
Startpagina.

Welkom.

Wijkactiviteiten.

Verenigingen.

Geschiedenis.

De Straten.

Info Mol.

Foto Galerij.

Pagina 217.

Persspiegels.

Persspiegels 2008.

Contact .

Persspiegel 2 – januari 2004

Kersttoeren in de Kempen
Het Kersthuis van Ginderbroek werd opgenomen in ‘KERSTTOEREN IN DE KEMPEN’. Op dinsdag 16 december kwam televisie RTV opnames maken en op donderdag 18 december werd de reportage uitgezonden.
De Antwerpse Kempen heeft een traditie te verdedigen. Nergens anders in Europa zijn de kerststallen zo ingebed in het landelijke leven als hier. Vaak zijn het typische Kempense kerststallen, er is zelfs een echte woning bij (Ginderbroek): groot, met werkelijkheidsgetrouwe beelden van een ingetogen kersttafereel, met echte dieren in een Kempense stal, ondergedompeld in een lichtjeszee.

Slachter Dries Vandenweyer
Andries Vandenweyer (°1820) woonde in Ginderbroek, enkele huizen vóór het hooghuis, richting Mol (Ginderbroek nr. 14 ?). Hij was een slachter en baat-te daarbij nog een herberg uit. In het bevolkingsregister was hij als slachter-tapper ingeschreven.
Hij had onder meer drie zonen die allen een bijnaam hadden.
Karel was de Zot, Gust den Tets en Frans den Tiet. Van die bijnamen is enkel die van de Zot nog gekend bij de talrijke afstammelingen die meestal in de beenhouwersstiel zaten. Karel had die bijnaam gekregen toen hij bij het leger was en zelf gezegd had: Ik ben de Zot.
Maar ook de twee andere bijnamen hebben een snedige betekenis. ‘Tets’ betekent flets, niet doorbakken. ‘Tiet’ wil in het Nederlands zeggen: klein, weinig beduidend. Van dezelfde stam is het woord ‘petieterig’. Bijnamen leverden soms echte verrassingen op. (Zie Zo leefde Ginderbroek: Kakelutje en andere toegeworpen namen).
Op 12 november 1868 werd zijn dochter Regina geboren. De vader begaf zich na haar geboorte naar het gemeentehuis, maar op zijn weg naar het gemeentehuis bezocht hij elke herberg, waar hij telkens minstens een jenever dronk. En of er toen herbergen stonden ! (We zullen ze dit jaar alle opsommen en beschrijven in Zo leefde Ginderbroek.) Toen Dries op het gemeentehuis aankwam, kreeg hij de raad naar huis te gaan en ’s anderdaags maar terug te komen. Wat hij juist heeft gedaan, weten we niet. Maar toen zijn dochter Regina in 1890 wilde trouwen, stond zij niet ingeschreven in de geboorteregisters van de gemeente. Een speciaal rechterlijk bevel was nodig. Haar vader was ondertussen gestorven en zij kreeg haar inschrijving in de gemeentelijke registers, aan een laag tarief omdat zij ‘behoeftig’ was. Vermoedelijk had haar vader er alles doorgedraaid.